Kort uitgelegd
Wat doet de alvleesklier als hormoonorgaan?
De alvleesklier, ook pancreas genoemd, maakt verteringsenzymen. Dat zijn stoffen die helpen voedsel in kleinere, opneembare delen af te breken. In dezelfde klier liggen kleine groepjes hormoonmakende cellen: de eilandjes van Langerhans. Hun hormonen insuline en glucagon helpen de hoeveelheid suiker in het bloed regelen. Insuline bevordert onder meer de opname en opslag van suiker; glucagon helpt suiker beschikbaar te maken als dat nodig is.[1]
Na een maaltijd ontvangt de alvleesklier hormoonsignalen uit de darm. Ook vetweefsel geeft signalen af die helpen de energievoorraad te regelen.
Achter de maag
Eén orgaan met twee taken
De pancreas ligt dwars in de bovenbuik. Het grootste deel maakt verteringsenzymen en bicarbonaat. Enzymen helpen voedsel afbreken; bicarbonaat helpt het maagzuur in de darm neutraliseren. Deze stoffen komen via een afvoerbuis in de twaalfvingerige darm, het eerste deel van de dunne darm. Verspreid daartussen liggen ongeveer een miljoen kleine celgroepen: de eilandjes.
Het onderscheid tussen beide functies is essentieel: een ontsteking van de alvleesklier (pancreatitis) of een probleem met verteringsenzymen is iets anders dan een stoornis in de hormoonmakende eilandjescellen, al kunnen ze elkaar beïnvloeden.

Kleine celgroepen, grote invloed
Welke hormonen maken de eilandjes?
| Celtype | Hormoon | Hoofdtaak |
|---|---|---|
| Bètacel | Insuline en amylin | Helpt glucose opnemen en brandstoffen opslaan; remt glucoseproductie door de lever. |
| Alfacel | Glucagon | Stimuleert vooral de lever om tijdens vasten glucose beschikbaar te maken. |
| Deltacel | Somatostatine | Remt lokaal onder meer insuline- en glucagonafgifte. |
| PP-/gammacel | Pancreaspolypeptide | Heeft regulerende effecten op pancreas en spijsvertering. |
De celtypen communiceren onderling, reageren op voedingsstoffen en worden beïnvloed door zenuwsignalen en darmhormonen. De eilandjes zijn daardoor geen simpele suikerthermostaat.
Na eten en tijdens vasten
Insuline en glucagon werken niet als exacte tegenpolen
Na een maaltijd geeft de alvleesklier meer insuline af. Insuline helpt spier- en vetcellen glucose, een vorm van suiker, opnemen. Het stimuleert ook de opslag van glucose als glycogeen: een reservevoorraad. Daarnaast bevordert insuline de aanmaak van eiwitten en remt het de productie van glucose door de lever.
Als je een tijd niet eet of de bloedsuiker te laag dreigt te worden, neemt de afgifte van glucagon toe. Een te lage bloedsuiker heet hypoglykemie. Glucagon stimuleert de lever om de glycogeenvoorraad af te breken en nieuwe glucose te maken. Zo komt glucose beschikbaar voor het lichaam.[2]
Ook adrenaline, cortisol, groeihormoon, zenuwactiviteit, aminozuren (bouwstenen van eiwitten) en incretinen beïnvloeden de regeling. Incretinen zijn darmhormonen die na het eten de insulineafgifte helpen versterken. Het brein heeft een voortdurende energietoevoer nodig, maar kan tijdens langer vasten ook ketonen gebruiken, brandstoffen die de lever uit vetten maakt. De moderne uitleg is dus rijker dan “insuline verlaagt en glucagon verhoogt suiker”.
Hoe de lever die voorraad bewaart en weer beschikbaar maakt, lees je bij de verwerking van glucose in de lever.
Verschillende ziekten
Wat gaat er mis bij diabetes?
Bij type 1-diabetes vernietigt een auto-immuunproces de insulineproducerende bètacellen. Bij type 2-diabetes reageren weefsels minder goed op insuline en kunnen bètacellen de extra vraag uiteindelijk niet meer bijhouden. Andere vormen ontstaan door genetische oorzaken, pancreasziekte, medicijnen of zwangerschap.
Een arts beoordeelt glucosemetingen samen met de klachten en gebruikt vastgestelde diagnostische criteria. Vaak is een tweede test nodig. Bij duidelijke diabetesklachten en een sterk verhoogde plasmaglucose kan ook een meting zonder voorafgaand vasten voldoende zijn. Een losse thuismeting is niet hetzelfde als een medische diagnose. Behandeling verschilt per type en persoon.[4]
Nieuwe bètacellen uit pluripotente stamcellen
Donoreilandjes kunnen bij een kleine, zorgvuldig geselecteerde groep mensen met ernstige type 1-diabetes de glucosecontrole verbeteren, maar donorweefsel is schaars en afweeronderdrukking kan nodig zijn. Daarom worden uit embryonale of geïnduceerde pluripotente stamcellen eilandjesachtige cellen gemaakt.
Hoe deze veelzijdige uitgangscellen ontstaan, lees je bij iPS-cellen en herprogrammering.
In klinisch onderzoek hebben zulke cellen bij sommige deelnemers meetbare insulineproductie opgeleverd. Grote vragen blijven: bescherming tegen auto-immuniteit en afstoting, volledige rijping, lange veiligheid en schaalbare productie. Het is veelbelovend, maar geen vrij beschikbare genezing en zeker geen behandeling die een ongereguleerde kliniek hoort aan te bieden.[3]
Lees verder over gekweekte eilandjescellen en het onderzoek naar hun werking.
Verder lezen: stamceltherapie bij diabetes type 1 en de beperkingen van de resultaten.
Veelgestelde vragen
Veelgestelde vragen over de alvleesklier
Heeft de alvleesklier zowel een spijsverterings- als hormoonfunctie?
Ja. Het grootste deel maakt verteringsenzymen voor de darm. De eilandjes van Langerhans maken hormonen zoals insuline en glucagon en geven die aan het bloed af.
Wat doen insuline en glucagon?
Insuline helpt glucose na een maaltijd uit het bloed op te nemen en op te slaan. Glucagon helpt de bloedglucose tussen maaltijden op peil te houden, onder meer door de lever glucose te laten vrijmaken.
Is diabetes altijd het gevolg van te weinig insuline?
Bij type 1 diabetes worden insulineproducerende bètacellen door auto-immuniteit beschadigd. Bij type 2 diabetes reageren weefsels minder goed op insuline en kan later ook de insulineproductie tekortschieten.
Kunnen stamcellen diabetes genezen?
Stamcel-afgeleide eilandjescellen hebben belangrijke klinische vooruitgang laten zien, vooral bij type 1 diabetes. Het is nog geen eenvoudige algemene genezing: afweerbescherming, veiligheid, beschikbaarheid en langdurige werking blijven belangrijke vragen.
Gebruikte bronnen
Bronnen
- Kamel-ElSayed SA, Mukherjee S. Physiology, Pancreas. NCBI Bookshelf, bijgewerkt 2023.
- Rix I et al. Glucagon Physiology. Endotext.
- Chen JT et al. Stem cell therapies for diabetes. Nature Medicine, 2025.
- NIDDK: Diabetes Tests & Diagnosis. Laboratoriumtests, klachten en bevestiging van de diagnose.
Samenstelling: Stamcel.org.
Verder over dit onderwerp: Hormoonreceptoren en terugkoppeling: hoe luistert een cel?.

