Kort antwoord
Is een zaadcel een stamcel?
Een zaadcel is geen stamcel, maar ontstaat wel via meerdere stappen uit een stamcel. Stamcellen in de teelballen maken zowel nieuwe stamcellen als cellen die zich verder ontwikkelen tot zaadcellen. Een rijpe zaadcel kan zich niet meer delen. Bij de bevruchting brengt ze de helft van de erfelijke informatie in; de andere helft komt van de eicel.[1][2]
Het verschil tussen een stamcel en een zaadcel
Een bloedcel ontstaat uit een bloedvormende stamcel, maar is zelf geen stamcel. Voor een zaadcel geldt hetzelfde.
Een stamcel heeft twee belangrijke eigenschappen: de cel kan zichzelf langdurig vernieuwen en kan voorlopercellen maken die zich verder ontwikkelen. Een zaadcel voldoet aan geen van beide voorwaarden. Een rijpe zaadcel heeft een compacte kop, een staart waarmee hij kan bewegen en 23 chromosomen in plaats van 46. Delen kan hij niet meer.
| Celtype | Wat gebeurt er? | Stamcel? |
|---|---|---|
| Spermatogoniale stamcel | Vernieuwt zichzelf en levert voorlopercellen voor de zaadcelproductie. | Ja |
| Spermatogonium | Deelt en ontwikkelt zich verder richting een spermatocyt. | Slechts een klein deel heeft echte stamceleigenschappen |
| Spermatocyt | Doorloopt de meiose, waarbij het aantal chromosomen wordt gehalveerd. | Nee |
| Spermatide | Verandert van een ronde cel in een gestroomlijnde cel met kop en staart. | Nee |
| Zaadcel | Is gespecialiseerd voor transport en bevruchting en deelt niet meer. | Nee |
Lees ook: Wat zijn stamcellen?
Waar zitten de echte stamcellen?
De echte stamcellen voor de mannelijke kiembaan heten spermatogoniale stamcellen, vaak afgekort tot SSC's. Ze liggen in het basale deel van het zaadvormende weefsel, direct tegen de basaalmembraan van de zaadbuisjes in de teelballen, ook testes genoemd. Daar bevinden ze zich in een gespecialiseerde omgeving, de stamcelniche, die mede beïnvloedt of een cel in rust blijft, zichzelf vernieuwt of aan de ontwikkeling tot zaadcel begint.[13]
In de normale menselijke fysiologie worden deze cellen niet vanuit het beenmerg aangevuld. De cellijn ontstaat al vroeg in een embryo. Zogeheten oerkiemcellen trekken dan naar de geslachtsklieren en vormen daar later de voorlopers van zaadcellen.
Vroeger werden menselijke spermatogonia vooral op uiterlijk ingedeeld in onder andere A-donker, A-bleek en type B. Met moderne technieken kunnen onderzoekers per cel zien welke genen actief zijn. Daaruit blijkt dat de stamcelvoorraad geen groep identieke cellen is, maar een mengeling van cellen in verschillende toestanden. Onderzoekers weten daardoor nog niet bij iedere cel precies wanneer zij haar stamcelfunctie verliest en een voorlopercel wordt.[2]
Zelfvernieuwing
Een deel van de dochtercellen houdt de lokale stamcelvoorraad in stand.
Differentiatie
Andere dochtercellen beginnen aan de lange ontwikkelingsroute naar een zaadcel.
Niche
Sertolicellen, hormonen en lokale signaalstoffen sturen de balans tussen beide routes.
Ongeveer 74 dagen ontwikkeling
Van stamcel tot zaadcel: zo werkt spermatogenese
Spermatogenese is de volledige vorming van mannelijke geslachtscellen. Bij de mens duurt de ontwikkeling van spermatogonium tot zaadcel ongeveer 74 dagen. Daarna rijpen de cellen verder tijdens hun passage door de bijbal. Omdat langs de zaadbuisjes veel ontwikkelingsgolven tegelijk lopen, komt de productie niet iedere 74 dagen in één keer vrij. Er worden voortdurend nieuwe cellen afgeleverd.[1][3]
1. Eerst wordt de voorraad aangevuld
Een spermatogoniale stamcel deelt. Ten minste één dochtercel kan stamcel blijven. De andere dochtercel kan beginnen aan de ontwikkeling tot zaadcel. Zo blijft de bron behouden terwijl de productie doorgaat.
2. Voorlopercellen worden spermatocyten
Na meerdere gewone celdelingen ontstaan primaire spermatocyten. Deze cellen bereiden zich voor op een bijzonder soort deling: de meiose.
3. De meiose halveert het erfelijk materiaal
Tijdens twee opeenvolgende delingen worden chromosomen verdeeld en vindt genetische uitwisseling plaats. Uit één primaire spermatocyt ontstaan uiteindelijk spermatiden met één set van 23 chromosomen. Zo'n cel heet haploïd. Iedere spermatide draagt een X- of een Y-chromosoom.
4. Een ronde spermatide krijgt kop en staart
De spermatide deelt niet meer, maar ondergaat een ingrijpende verbouwing. De kern wordt compact. Aan de kop ontstaat een kapje met enzymen dat later helpt bij de bevruchting. De cel verliest overtollige inhoud en krijgt een staart. Dit laatste rijpingsproces heet spermiogenese.
Dat levert enorme aantallen op. Volgens Endotext maakt een man met een normale productie ruwweg duizend zaadcellen per hartslag: tientallen miljoenen per dag. Dat kan alleen doordat stamcellen, voorlopercellen en ondersteunende cellen nauw samenwerken.[1]
De rol van sertolicellen en hormonen
Zaadcellen groeien niet zelfstandig. Ze ontwikkelen zich tussen grote ondersteunende sertolicellen die van de buitenwand tot aan de binnenruimte van het zaadbuisje reiken. Sertolicellen geven voeding en signalen, beschermen ontwikkelende kiemcellen en helpen rijpe cellen uiteindelijk loslaten.
De aansturing begint in de hersenen. De hypothalamus geeft pulsen van GnRH af. Daardoor maakt de hypofyse de hormonen LH en FSH. LH stimuleert de leydigcellen tussen de zaadbuisjes om testosteron te produceren. FSH en testosteron werken via de sertolicellen mee aan een omgeving waarin spermatogenese kan verlopen.
Ook lokale stoffen zijn belangrijk. Vooral dieronderzoek laat zien dat retinoïnezuur, een stof die uit vitamine A ontstaat, sommige onrijpe kiemcellen het signaal geeft om zich verder te ontwikkelen. De details bij mensen worden nog onderzocht. De hele productie wordt in ieder geval in de testes geregeld. Na een zaadlozing hoeft het beenmerg geen nieuwe stamcellen te sturen.[1]
Wat er werkelijk verloren gaat
Verlies je stamcellen door ejaculatie?
Nee. Bij een ejaculatie verlaten zaadcellen die in de bijbal verder zijn gerijpt, samen met zaadvocht, het lichaam. De spermatogoniale stamcellen blijven op hun plaats in de testes. Zij worden niet meegevoerd en hoeven ook niet vanuit een ander orgaan te worden vervangen. Vóór een zaadcel een eicel kan bevruchten, volgt in het vrouwelijke voortplantingsstelsel nog een laatste functionele rijping: capacitatie.[3]
Bij meerdere zaadlozingen kort na elkaar kunnen het volume en het totale aantal zaadcellen per ejaculaat tijdelijk lager worden. Dat is iets anders dan het uitputten van de stamcelvoorraad. De productie loopt door, terwijl het lichaam tijd nodig heeft om de voorraad rijpe zaadcellen en het zaadvocht aan te vullen.
Het aantal dagen sinds de vorige zaadlozing heeft niet op ieder kenmerk van sperma hetzelfde effect. Langere onthouding levert meestal meer volume en een hoger totaal aantal cellen op, terwijl kortere perioden in sommige onderzoeken samengaan met een betere beweeglijkheid of minder DNA-fragmentatie. Welk interval het gunstigst is, hangt af van de persoon en van het doel van een eventuele vruchtbaarheidsbehandeling.[7] Volgens de American Society for Reproductive Medicine blijven concentratie en beweeglijkheid bij veel mannen met normale spermakwaliteit zelfs bij dagelijkse ejaculatie binnen normale waarden.[8]
Een belangrijke correctie
Ejaculatie verzwakt het immuunsysteem niet door stamcelverlies
De oude versie van deze pagina beweerde dat zaadlozingen stamcellen aan het immuunsysteem zouden onttrekken en dat seksuele onthouding daardoor de afweer zou versterken. Voor dat mechanisme bestaat geen wetenschappelijke basis. Zaadcellen veranderen niet in T-cellen, fagocyten of natural-killercellen. Die afweercellen behoren tot bloedcellijnen die uit bloedvormende stamcellen ontstaan.
Er is geen betrouwbaar wetenschappelijk bewijs dat ejaculatie thymusinvolutie veroorzaakt. Bekende mechanismen hangen vooral samen met de veroudering van het thymusweefsel; ook geslachtshormonen spelen een rol.[9]
Waarom beenmerg geen nieuwe zaadcellen aanlevert
In het beenmerg zitten hematopoëtische, oftewel bloedvormende stamcellen. Zij kunnen rode bloedcellen, bloedplaatjes en verschillende witte bloedcellen maken, maar niet zomaar ieder soort lichaamscel.[4]
Spermatogoniale stamcellen behoren tot een andere ontwikkelingslijn en leven in een andere omgeving. Een klein onderzoek bij veertien mannen na een beenmergtransplantatie laat dit verschil goed zien. In het DNA uit hun spermamonsters werd geen donorgenotype aangetoond; het profiel kwam overeen met het eigen DNA dat via haar was bepaald. Zeer zeldzame donorafkomst onder de detectiegrens kan daarmee niet volledig worden uitgesloten, maar het onderzoek ondersteunt niet het idee dat beenmergcellen normaal de zaadcelproductie overnemen.[5]
Hoeveel zaadcellen zitten er in een zaadlozing?
Een vast “normaal aantal” bestaat niet. Het totaal kan tussen mannen verschillen en ook bij dezelfde man van monster tot monster veranderen. Een waarde van 200 tot 300 miljoen zaadcellen per ejaculaat is mogelijk, maar mag niet als universele norm worden gepresenteerd.
De zesde editie van het WHO-laboratoriumhandboek beschrijft semenkenmerken bij mannen van wie de partner binnen twaalf maanden op natuurlijke wijze zwanger werd. Bij ongeveer 95 van de 100 onderzochte mannen lag het totale aantal op of boven 39 miljoen per zaadlozing en de concentratie op of boven 16 miljoen per milliliter. Dat zijn geen scherpe grenzen tussen vruchtbaar en onvruchtbaar. Ook beweeglijkheid, vorm, vitaliteit, zaadvolume, medische voorgeschiedenis en de vruchtbaarheid van de partner tellen mee.[6]
Wie zich zorgen maakt over vruchtbaarheid heeft daarom meer aan een beoordeling door een arts of fertiliteitscentrum dan aan één los getal of een thuistest.
Nieuw onderzoek naar spermatogoniale stamcellen
Spermatogoniale stamcellen zijn niet alleen interessant omdat ze de dagelijkse productie mogelijk maken. Onderzoekers proberen ze ook te gebruiken om vruchtbaarheid te behouden of te herstellen.
Vruchtbaarheid na kinderkanker
Jongens vóór de puberteit maken nog geen rijpe zaadcellen die kunnen worden ingevroren. Sommige gespecialiseerde centra bieden daarom vóór een schadelijke kankerbehandeling het invriezen van een klein stukje onrijp testisweefsel aan. Dit geldt nog als experimenteel; de ASCO-richtlijn adviseert toepassing alleen binnen een klinische studie. Ook methoden om het weefsel later veilig terug te plaatsen of er bruikbare zaadcellen uit te laten rijpen zijn bij mensen nog niet klinisch bewezen.[10][11][12]
Iedere cel afzonderlijk bekijken
Met technieken waarmee iedere cel afzonderlijk wordt onderzocht, brengen wetenschappers in kaart welke cellen in de testis zitten, welke genen zij gebruiken en hoe zij elkaar beïnvloeden. Dit heet onder meer single-cell-RNA-sequencing. Het levert een veel nauwkeuriger beeld op van de stamcelniche en van afwijkingen bij mannelijke onvruchtbaarheid.[2]
Het doel is niet om “zaadcellen als stamceltherapie” te gebruiken. Het onderzoek richt zich juist op het beschermen, kweken of opnieuw activeren van de stamcellen waaruit zaadcellen ontstaan. Bij proefdieren zijn al resultaten bereikt, maar toepassing bij mensen is veel ingewikkelder. Er zijn nog belangrijke vragen over genetische en epigenetische veiligheid, rijping en het risico op het terugplaatsen van kwaadaardige cellen.
Veelgestelde vragen
Wat mensen vaak over zaadcellen en stamcellen willen weten
Zijn zaadcellen stamcellen?
Nee. Rijpe zaadcellen zijn gespecialiseerde, haploïde geslachtscellen. Ze ontstaan wel uit spermatogoniale stamcellen in de testes.
Is iedere spermatogonium een stamcel?
Nee. Spermatogonia vormen een gevarieerde groep. Slechts een klein deel kan zichzelf langdurig vernieuwen en tegelijk nieuwe ontwikkelingslijnen starten. Dat deel heeft stamcelfunctie.
Raakt de voorraad stamcellen leeg door vaak te ejaculeren?
Nee. De stamcellen blijven in de wand van de zaadbuisjes. Korte intervallen kunnen tijdelijk het volume en aantal zaadcellen per ejaculaat beïnvloeden, maar verminderen de voorraad stamcellen niet.
Versterkt seksuele onthouding het immuunsysteem?
Daarvoor is geen betrouwbaar bewijs. Zaadcellen en afweercellen ontstaan via twee verschillende celroutes. Het vasthouden van zaadcellen levert daarom geen extra afweercellen op.
Hoe lang duurt het maken van een zaadcel?
De ontwikkeling in de testes duurt ongeveer 74 dagen. Daarna volgt verdere rijping en transport door de bijbal. Omdat veel ontwikkelingsgolven tegelijk actief zijn, worden voortdurend nieuwe zaadcellen geproduceerd.
Kan beenmerg zaadcellen maken?
Niet als onderdeel van de normale menselijke fysiologie. Bloedvormende stamcellen maken bloedcellen; spermatogoniale stamcellen in de testes onderhouden de zaadcelproductie.
Kunnen wetenschappers al menselijke zaadcellen uit stamcellen maken?
Nog niet als reguliere behandeling. Onderzoekers kunnen delen van het proces in het laboratorium nabootsen, maar kunnen nog niet veilig en betrouwbaar menselijke zaadcellen maken voor een vruchtbaarheidsbehandeling.
Gebruikte bronnen
Wetenschappelijke bronnen
Voor deze herziening zijn actuele vakoverzichten, officiële laboratoriumrichtlijnen en onderzoek bij mensen gebruikt. Waar onderzoek nog experimenteel is, staat dat nadrukkelijk vermeld.
- O'Donnell L, Smith LB. Endocrinology of the Testis and Spermatogenesis. Endotext, bijgewerkt 7 januari 2026.
- Di Persio S, Neuhaus N. Human spermatogonial stem cells and their niche in male (in)fertility. Human Reproduction, 2023. DOI: 10.1093/humrep/deac245.
- Siu KK, Serrão VHB, Ziyyat A, Lee JE. The cell biology of fertilization: gamete attachment and fusion. Journal of Cell Biology, 2021;220(10):e202102146. DOI: 10.1083/jcb.202102146.
- National Cancer Institute: hematopoietic stem cell. Definitie van bloedvormende stamcellen.
- Shankara-Narayana N et al. Successful colonization of the testicular germinal epithelium by bone marrow stem cells producing spermatozoa of donor genotype is rare. Andrology, 2025. DOI: 10.1111/andr.13799.
- World Health Organization. WHO laboratory manual for the examination and processing of human semen, zesde editie, 2021.
- Du C et al. Association of abstinence time with semen quality and fertility outcomes. Andrology, 2024. Systematische review en meta-analyse. DOI: 10.1111/andr.13583.
- American Society for Reproductive Medicine. Optimizing natural fertility. Committee opinion, 2022.
- Liang Z et al. Age-related thymic involution: mechanisms and functional impact. Aging Cell, 2022. DOI: 10.1111/acel.13671.
- von Rohden E et al. Male fertility restoration using cryopreserved testis tissue. Fertility and Sterility, 2024. Scoping review. DOI: 10.1016/j.fertnstert.2024.07.010.
- Su HI et al. Fertility Preservation in People With Cancer: ASCO Guideline Update. Journal of Clinical Oncology, 2025;43(12):1488-1515. DOI: 10.1200/JCO-24-02782.
- ESHRE. Good practice recommendations on fertility preservation involving testicular tissue cryopreservation in children receiving gonadotoxic therapies. Human Reproduction, 2025;40(8):1391-1431. DOI: 10.1093/humrep/deaf106.
- Rajachandran S et al. Dissecting the spermatogonial stem cell niche using spatial transcriptomics. Cell Reports, 2023;42(7):112737. DOI: 10.1016/j.celrep.2023.112737.
Samenstelling: Stichting Voorlichting Stamcellen. De oorspronkelijke pagina is in augustus 2026 volledig herzien omdat de oude hoofdconclusie niet overeenkwam met de huidige wetenschap. Zie je een feitelijke fout of een belangrijke nieuwe publicatie? Neem contact op en vermeld de betreffende alinea en bron.

