Wat geef je als je stamcellen doneert?
Je geeft bloedvormende stamcellen: cellen die nieuwe bloedcellen kunnen voortbrengen. Ze zitten vooral in het beenmerg, het zachte weefsel binnen bepaalde botten. Uit hun nakomelingen ontstaan rode bloedcellen voor zuurstoftransport, bloedplaatjes voor de stolling en verschillende witte bloedcellen voor de afweer.[1]
Het gaat dus niet om embryonale stamcellen, zenuwcellen of cellen die naar wens een nieuw orgaan maken. De verzamelde cellen vormen bovendien geen zakje met uitsluitend zuivere stamcellen. Er zitten ook voorlopercellen en andere bloedcellen bij. Stamcellen kunnen de bloedvorming langdurig onderhouden; voorlopercellen zijn al verder op weg naar een bepaalde bloedcelsoort.[20]
Voor de achtergrond lees je hoe het beenmerg bloedcellen maakt. Dit artikel volgt de donor. De behandeling en het herstel van de ontvanger staan bij stamceltransplantatie.
Waarom moet je een match zijn?
Een gezonde donor is niet automatisch een geschikte donor voor iedere patiënt. Het transplantatieteam vergelijkt onder meer de HLA-kenmerken. HLA zijn eiwitten waarmee cellen informatie aan afweercellen tonen. Verschillen tussen donor en ontvanger kunnen afweerreacties uitlokken. Daarom speelt de overeenkomst in deze erfelijke kenmerken een grote rol.[2]
Een HLA-match is iets anders dan dezelfde bloedgroep. Iemand met een andere ABO-bloedgroep kan soms wel stamceldonor zijn. Het team houdt met zo’n verschil rekening. Ook leeftijd, gezondheid en andere kenmerken van de donor tellen mee bij de selectie.[2]
Een passende donor kan een familielid zijn, maar ook iemand die de patiënt niet kent. Een volledige overeenkomst is niet bij iedere transplantatie noodzakelijk: onder bepaalde voorwaarden kan een gedeeltelijk passende donor worden gebruikt. Dat vraagt een specifieke behandelkeuze, niet alleen een positieve uitslag van één test.[2]
Meer over deze afweerherkenning vind je bij HLA-matching bij transplantatie.
Van aanmelden naar daadwerkelijk doneren
Registreren betekent dat je beschikbaar wilt zijn als mogelijke donor. Het is nog geen afspraak voor een ingreep. Veel ingeschreven mensen worden nooit gevraagd om te doneren.[16]
- Aanmelden. In Nederland kun je je via Matchis registreren. Je vult gegevens en een gezondheidsvragenlijst in. Na goedkeuring krijg je materiaal om wangslijmvlies af te nemen. Dat wordt gebruikt voor de typering; je doneert met die wattenstaafjes nog geen bloedstamcellen.[3]
- Een mogelijke match. Als jouw kenmerken passen bij een patiënt, volgt contact. Beschikbaarheid en gezondheid worden opnieuw besproken. Aanvullend bloedonderzoek helpt vaststellen of je werkelijk een geschikte kandidaat bent.[4]
- Voorlichting en medische keuring. Je bespreekt de afnamemethode, risico’s, medicatie, planning en toestemming met het donorteam. De keuring moet zowel jouw veiligheid als die van de ontvanger beschermen.[4]
- Afname en nazorg. Pas na de benodigde beoordeling en jouw toestemming volgt de donatie. Daarna blijft het team je herstel volgen.[4]
Er kunnen meerdere kandidaten worden onderzocht. Een eerste telefoontje betekent daarom niet dat de donatie zeker doorgaat. Ook de situatie van de patiënt kan de planning veranderen.[11][16]
Stamcellen doneren via het bloed
Dit is de meest gebruikte afnamemethode. Je krijgt vooraf enkele dagen injecties met een groeifactor, meestal G-CSF, bijvoorbeeld filgrastim. Daardoor komen meer bloedvormende stam- en voorlopercellen in de bloedbaan. Het donorteam bepaalt het precieze schema.[4][17]
Waarom kunnen cellen uit het beenmerg naar het bloed?
Stamcellen zitten niet vastgemetseld in het bot. Hun omgeving, de beenmergniche, helpt ze op hun plaats te houden. G-CSF verandert indirect signalen in die omgeving, waardoor meer cellen naar het bloed kunnen verplaatsen. Dat heet mobilisatie.[1][9]
Wat doet de aferesemachine?
Tijdens aferese stroomt bloed via een slang naar een apparaat. Dit scheidt bloedbestanddelen en verzamelt de laag met de gewenste cellen in een zak. Het overige bloed gaat terug naar jou. Het is een doorlopend proces: er wordt niet in één keer een grote hoeveelheid bloed uit je lichaam gehaald en apart gehouden.[6]
Meestal zijn hiervoor naalden in de armen nodig. Het team beoordeelt vooraf of de bloedvaten geschikt zijn en bespreekt zo nodig een andere toegang. De afname duurt enkele uren. Soms is een tweede afnamedag nodig als nog onvoldoende cellen zijn verzameld.[5][17]
Donor en patiënt krijgen niet dezelfde voorbereiding. De groeifactor voor een gezonde donor is geen chemotherapie. De patiënt kan voor de transplantatie wél chemotherapie en soms bestraling krijgen.[12][17]
Stamcellen doneren via het beenmerg
Bij deze methode nemen artsen onder narcose vloeibaar beenmerg, vermengd met bloed, af uit de achterkant van het bekkenbot. Tijdens de afname voel je daardoor geen pijn. Na het wakker worden kan het bekken beurs of pijnlijk zijn.[7]
Beenmerg is geen ruggenmerg. Het ruggenmerg is zenuwweefsel in de wervelkolom. Dat wordt bij beenmergdonatie niet aangeprikt. Ook wordt er geen bot weggenomen: de cellen worden met speciale naalden uit het bot opgezogen.[7][8]
Het team controleert onder meer je bloedwaarden en herstel na de narcose. Je kunt vermoeid zijn, blauwe plekken hebben of tijdelijk een lager hemoglobinegehalte hebben doordat ook rode bloedcellen zijn meegekomen. Soms is extra behandeling nodig, bijvoorbeeld bij een te lage bloedwaarde. Hoe lang je opgenomen blijft, hangt af van het centrum en jouw herstel.[7]
De twee manieren naast elkaar
| Onderdeel | Via het bloed | Via het beenmerg |
|---|---|---|
| Voorbereiding | Injecties met een groeifactor | Voorbereiding op narcose |
| Afname | Via een aferesemachine | Met naalden uit het bekkenbot |
| Tijdens afname | Je bent wakker | Je bent onder narcose |
| Mogelijke belasting | Bot- of spierpijn door de groeifactor; lang stilzitten | Beurs bekken en herstel na de ingreep |
Welke methode wordt gevraagd, hangt onder meer af van de behandeling van de patiënt. De donorarts beoordeelt wat voor jou verantwoord is. Je krijgt uitleg en geeft zelf toestemming; de afnamevorm hoort dus onderwerp van het gesprek te zijn.[4][8]
Doet stamcellen doneren pijn en wat zijn de risico’s?
Het kan pijn en ongemak geven. “Geen operatie” betekent niet “je merkt er niets van”. Bij afname via het bloed kunnen de voorafgaande injecties botpijn, spierpijn, hoofdpijn of vermoeidheid veroorzaken. Bij beenmergafname zit de pijn vooral ná de ingreep, rond het bekken.[7][9]
Klachten tijdens het verzamelen uit bloed
Om stollen in de machine te voorkomen wordt citraat gebruikt. Dit bindt calcium en kan tintelingen rond de mond of in de handen veroorzaken, soms met kramp. Meld dit meteen aan het team: het kan de calciumtoediening of procedure aanpassen. Ook bloedplaatjes kunnen tijdelijk dalen; daarom worden de bloedwaarden gecontroleerd.[5]
Zeldzame, maar belangrijke complicaties
Ernstige complicaties zijn ongebruikelijk, maar niet uitgesloten. G-CSF kan de milt tijdelijk vergroten; zeer zelden is een miltscheur beschreven. Na beenmergafname zijn onder meer bloedverlies, nabloeding en complicaties van de narcose aandachtspunten.[8][9]
Volg het advies van het donorcentrum over sport en lichamelijke belasting. Bespreek nieuwe klachten direct, zeker hevige buikpijn, benauwdheid of een duidelijke bloeding. Laat het team beoordelen wat er aan de hand is; deze pagina kan jouw individuele risico niet vaststellen.[8][9]
Wat weten we over gevolgen op lange termijn?
Een prospectieve vervolgstudie uit 2024 onderzocht 21.643 onverwante donoren. Bij donoren die filgrastim kregen werd geen hogere incidentie van myeloïde kwaadaardige aandoeningen gevonden dan bij beenmergdonoren. Ook voor andere onderzochte kankers, auto-immuunziekten en trombose werd geen verschil gevonden.[10]
Dat is geruststellend, maar niet hetzelfde als bewijzen dat ieder risico nul is. Het was observationeel onderzoek onder geselecteerde donoren, geen willekeurige toewijzing van gezonde mensen. Zeer zeldzame of nog niet onderzochte effecten blijven lastiger vast te stellen.[10]
Hoe herstel je na stamceldonatie?
Een afname haalt niet je volledige voorraad bloedstamcellen weg. Achterblijvende stamcellen kunnen zichzelf onderhouden en nieuwe voorlopercellen leveren. Die voorlopercellen vermenigvuldigen zich en rijpen uit tot bloedcellen. Dit samenspel maakt aanvulling mogelijk; niet elke stamcel hoeft daarvoor tegelijkertijd te delen.[1][20]
Na donatie via het bloed verdwijnen de klachten door de groeifactor vaak in de dagen erna. Na beenmergafname kan het herstel langer duren. Weer gewone bezigheden kunnen doen is bovendien iets anders dan je volledig fit voelen. Pijn, vermoeidheid, het soort werk en de afnamemethode spelen mee.[11]
Plan daarom niet alsof iedereen de volgende ochtend weer alles kan. Bespreek vooraf werk, studie, reizen, sport en eventuele zorgtaken. Het donorcentrum geeft persoonlijke afspraken over nazorg en controle. Neem ook contact op als klachten niet afnemen of als je herstel anders verloopt dan afgesproken.[11]
De achtergrond van het behoud van stamcellen staat bij zelfvernieuwing van stamcellen.
Wat gebeurt er met de gedoneerde cellen?
De ontvanger krijgt de cellen via een infuus. Bloedvormende stamcellen kunnen het beenmerg bereiken en daar nieuwe bloedvorming opbouwen. Het is geen operatie waarbij beenmerg in een bot wordt geplaatst.[12]
Donorcellen kunnen bij bepaalde ernstige bloedziekten, afweerstoornissen en vormen van bloedkanker een behandeling mogelijk maken. Bij sommige kankers helpt ook de afweer uit het transplantaat om achtergebleven kwaadaardige cellen te bestrijden. Een donatie geeft echter geen garantie op genezing: de uitkomst hangt onder meer af van de ziekte, de conditie van de patiënt en transplantatiecomplicaties.[2][12]
Dit is het wezenlijke verschil tussen doneren en transplanteren: jij staat cellen af, terwijl de ontvanger een eigen, veel intensiever behandeltraject doorloopt. Lees verder over herstel en afweer na een transplantatie.
Stamceldonor worden in Nederland: Matchis
Voor registratie als onverwante stamceldonor is Matchis de Nederlandse praktische bestemming. Stamcel.org geeft uitleg, maar registreert of keurt zelf geen donoren.
Volgens de huidige voorwaarden van Matchis is aanmelden voor inwoners van Nederland van 18 tot en met 35 jaar kosteloos, mits zij aan de gezondheidseisen voldoen. Voor 36 tot en met 55 jaar noemt Matchis een eenmalige registratiebijdrage van €35. Dit zijn registratievoorwaarden, geen persoonlijke goedkeuring om te doneren. Controleer de actuele voorwaarden, ook bij medicijngebruik of een aandoening.[13]
Wil je de volgende stap zetten?
Een donatie is niet bedoeld als betaalde verkoop van cellen. Donatiegerelateerde onkosten kunnen worden vergoed. Vraag Matchis vooraf wat wordt vergoed en hoe je dat regelt, bijvoorbeeld voor reizen en afwezigheid op je werk.[14]
Doneren voor een familielid
Heeft een familielid een transplantatie nodig? Dan loopt onderzoek naar een mogelijke familiedonor via het behandelcentrum. De criteria en begeleiding zijn niet zonder meer gelijk aan de registratie bij Matchis. Bespreek geschiktheid, zorgen en toestemming met het donorteam; een familieband maakt donatie niet verplicht.[15]
Welke vragen neem je mee naar het donorteam?
Een goede keuze vraagt ruimte voor vragen, ook als je graag wilt helpen. Denk bijvoorbeeld aan:
- Welke afnamemethode wordt gevraagd, en waarom?
- Welke risico’s zijn voor mijn gezondheid belangrijk?
- Wat kan ik verwachten van de injecties, afname en pijnstilling?
- Hoeveel tijd moet ik vrijhouden en welke onkosten worden vergoed?
- Wanneer mag ik weer werken of sporten?
- Wie bel ik bij klachten, twijfel of een verandering in mijn gezondheid?
Je mag van gedachten veranderen. Meld twijfel wel zo vroeg mogelijk. Zodra een patiënt met de voorbereidende behandeling is begonnen, kan het uitvallen van de donatie ernstige gevolgen hebben. Dat maakt tijdige communicatie belangrijk, maar neemt jouw recht op een vrijwillige beslissing niet weg.[16][19]
Veelgestelde vragen over stamcellen doneren
Is stamcellen doneren hetzelfde als bloed doneren?
Nee. Bij stamceldonatie worden bloedvormende stam- en voorlopercellen verzameld voor een transplantatie. Voor afname via het bloed krijg je eerst een groeifactor en volgt aferese. Dat is een ander traject dan een gewone bloeddonatie.[6][17]
Wordt er in mijn ruggenmerg geprikt?
Nee. Bij beenmergdonatie worden cellen uit het bekkenbot afgenomen. Het ruggenmerg is zenuwweefsel in de wervelkolom en is niet de afnameplaats.[8]
Moet ik dezelfde bloedgroep hebben als de patiënt?
Niet noodzakelijk. HLA-kenmerken spelen een andere rol dan de ABO-bloedgroep. Het transplantatieteam beoordeelt de combinatie en kan rekening houden met een bloedgroepverschil.[2]
Sta ik automatisch geregistreerd door mijn keuze in het Donorregister?
Nee. Het Nederlandse Donorregister gaat over orgaan- en weefseldonatie na overlijden. Registratie als levende stamceldonor via Matchis is een afzonderlijke aanmelding.[3][18]
Kan ik later nog een keer stamcellen doneren?
Dat kan soms. Voor een nieuwe donatie worden gezondheid en herstel opnieuw beoordeeld. Matchis hanteert voorwaarden voor het aantal donaties en de tijd ertussen; bij familiedonatie kunnen andere afspraken gelden.[14]
Kan ik doneren als ik medicijnen gebruik?
Dat hangt af van het middel, de reden voor gebruik en jouw gezondheid. Stop niet zelf met medicatie om donor te worden. Vermeld je gebruik bij de aanmelding en laat Matchis of het donorcentrum de geschiktheid beoordelen.[13]
Ben ik na een donatie mijn stamcellen kwijt?
Nee, er wordt een deel verzameld. De achterblijvende stamcellen en voorlopercellen onderhouden en vernieuwen de bloedvorming. Dat betekent niet dat je geen hersteltijd nodig hebt: vooral vermoeidheid en eventuele veranderingen in bloedwaarden verdienen aandacht.[11][20]
Bronnen en werkwijze
Deze uitleg is samengesteld met medische handboeken, onderzoek en donorvoorlichting. Nederlandse praktische afspraken zijn gecontroleerd bij Matchis en UMC Utrecht. De genoemde studie onder donoren is observationeel; er wordt geen risicoloosheid of gegarandeerde genezing beloofd. Dit artikel vervangt de individuele beoordeling door een donorarts niet.
- Aiuti A, Scala S, Chabannon C. Biological Properties of Hematopoietic Stem Cells. The EBMT Handbook (2024), hoofdstuk 7.
- EBMT Handbook (2024), hoofdstuk 12: Donor Selection for Adults and Pediatrics.
- Matchis: hoe werkt het aanmelden als stamceldonor?
- Matchis: hoe werkt stamceldonatie?
- UMC Utrecht: stamcellen afstaan door ze uit het bloed te verzamelen.
- UMC Utrecht: informatie voor stamceldonoren, uitleg over de aferese.
- UMC Utrecht: stamcellen afstaan door ze uit het beenmerg te verzamelen.
- EBMT Handbook (2024), hoofdstuk 15: Bone Marrow Harvesting for HCT.
- Hölig K. G-CSF in Healthy Allogeneic Stem Cell Donors. Transfusion Medicine and Hemotherapy (2013).
- Stefanski HE et al. Long-term outcomes of peripheral blood stem cell unrelated donors mobilized with filgrastim. Blood Advances (2024); 8:4196-4206. doi:10.1182/bloodadvances.2024012646.
- NMDP: talking about your decision to donate, inclusief herstel en planning.
- National Cancer Institute: Stem Cell Transplants in Cancer Treatment.
- Matchis: wie kan stamceldonor worden? Actuele registratievoorwaarden.
- Matchis: veelgestelde vragen, waaronder vergoeding, uitschrijven en opnieuw doneren.
- UMC Utrecht: stamcellen doneren voor een familielid.
- NMDP: donor requirements FAQs, vrijwilligheid en een mogelijke match.
- Worel N, Bilgin YM, Wuchter P. Mobilization and Collection of HSC. The EBMT Handbook (2024), hoofdstuk 16.
- Rijksoverheid: orgaan- en weefseldonatie na overlijden en het Donorregister.
- NMDP: You're a match, voorlichting over toestemming en de voorbereiding van de patiënt.
- Eaves CJ. Hematopoietic stem cells: concepts, definitions, and the new reality. Blood (2015).
Samenstelling: Stamcel.org. Lees over onze redactionele werkwijze. Er heeft geen afzonderlijke medische toetsing door een arts plaatsgevonden.

